Meestal spreken we na het werk met een aantal collega’s af om iets te gaan eten. Koken is er met een petieterig keukenblok spijtig genoeg niet echt bij. De keuze tussen Grieks, Italiaans en Chinees hebben Fleur en ik onlangs nog verruimd met Indonesisch. Vaak drinken we daarna nog iets, eventueel tijdens een filmpje of een spelletje Junglespeed of poker. Als we uitgaan in de barstreet of in de oude stad dan vangt deze blonde jongen natuurlijk veel blikken. De wulpse meisjes staan in rijen aan te schuiven om zich in mijn armen te werpen en zijn zelfs bereid om op het badmatje te slapen om toch maar in mijn buurt te kunnen zijn. Hm. Nee dus, voor de geinteresseerden, het wilde en gewillige leven valt hier wel mee. Maar ik heb me voorlopig al goed geamuseerd. Ik heb bijna heel het eiland gezien en ongeveer alle uitstappen gedaan. Ook het uitgaan is dus tof. Ook al gaat het meestal over knappe mannen in mijn gezelschap. Met enkel homo’s en vrouwen in de omgeving kan dat al eens voorvallen. Ik klaag niet, zolang ik telkens met een andere vrouw kan luchen en/of dineren is het best goed voor mij.
juni 25, 2009
juni 22, 2009
Working Day
Opstaan doe ik doorgaans tussen acht en negen. Om tien uur sta ik dan in mijn eerste hotel om aankomsten van de vorige dag welkom te heten. Ik stel mezelf voor, antwoord op praktische vragen en geef wat algemene en historische (natuurlijk) informatie over het eiland. De mensen luisteren geboeid en uitermate gefascineerd. En net op dat moment ga ik naadloos over naar de verkoop van excursies. De klanten zijn laaiend enthousiast en willen elke dag op uitstap. Ik ben topverkooper van de maand en wordt in triomf rondgedragen door het bureau van de lokale agent. Hm. In werkelijkheid is mijn aanbod nogal schraal omdat ik in het zuiden van het eiland zit. Dus proberen we de commerciele vaardigheden aan te scherpen met de middelen die we hebben. Maar geen klachten in feite. Bovendien ben ik er in de eerste plaats om de mensen bij te staan. En daarom zetel ik een aantal keren per week in de lobby van mijn respectievelijke hotels. Meestal zit ik er dan wat te lezen in een goed boek. Nu al een tijdje in “In Europa” van Geert Mak. Zeer boeiend. Maar natuurlijk zijn er nog andere taken. Zoals luchthavendienst. Dan pik je de gasten met de bus op in de hotels en voer je hen naar de luchthaven. Hier hoort natuurlijk een afscheidsspeech bij. Die gebeurt gelukkig zittend want de bus is aan het rijden. Tijdens het aanschuiven aan de check-in onderhoud je de klanten en pareer je eventueel klachten. Vaak kies ik er gewoon een interessant koppel uit, liefst met kindjes, zodat het voor mij ook aangenaam blijft. Het enige nadeel is dat je dan soms persoonlijke vragen krijgt. Genre: “Hoeveel verdienen jullie eigenlijk?” Kuch. Zijn dat uw zaken? Als de ene hoop vertrokken is, ontvangen we de andere groep. Iedereen krijgt een welkomstenveloppe en wordt op de juiste bus gezet. En dan toeren we terug langs de hotels met een welomstspeech erbovenop. Eenmaal per week is er ook een kantoordag die alle administratie bevat en waarop de welkomstenveloppen gevuld moeten worden. Vooral dit laatste is oersaai werk. Maar om u geen verkeerd beeld te geven: er worden heel wat uren per week gedraaid. Volgende keer meer over wat er zich na die uren afspeelt.